Plan: | Bestemmingsplan Reparatie Buitengebied Midden-West |
---|---|
Status: | vastgesteld |
Plantype: | bestemmingsplan |
IMRO-idn: | NL.IMRO.0233.BPreparatieBgMW-0401 |
Het bestemmingsplan is niet afzonderlijk als voorontwerp vrijgegeven voor overleg en inspraak, maar is direct als ontwerp ter inzage gelegd. Het bestemmingsplan valt onder de categorie 'De overige bestemmingsplannen' (paragraaf 6.d.2.2) uit de Notitie R.O. instrumenten. Hieraan ligt een aantal afwegingen ten grondslag. Het bestemmingsplan betreft voornamelijk het repareren van enkele bestemmingen, waaraan door de provincie Gelderland goedkeuring is onthouden, met inachtneming van de overwegingen die de provincie aan haar besluit ten grondslag heeft gelegd. Aan het vastgestelde Bestemmingsplan Buitengebied Midden-West is al veel overleg en inspraak voorafgegaan. Voorts zijn de aanpassingen beperkt van omvang. Aan de hoofdopzet van het in 2009 vastgestelde bestemmingsplan verandert niets.
De formele procedure is gestart met de bekendmaking dat een bestemmingsplan wordt voorbereid (art. 1.3.1 Bro). Gelijktijdig met deze bekendmaking heeft het college een raadsbrief gestuurd met de mededeling dat een bestemmingsplan wordt voorbereid en wat met dat plan wordt beoogd. In de raadsbrief is in principe voorgesteld om kennis te nemen van het voornemen om een bestemmingsplan op te stellen en de bestemmingsplanprocedure te starten met het ter inzage leggen van het ontwerpbestemmingsplan. In principe ziet de raad formeel het ontwerpbestemmingsplan voor het eerst bij het voorstel om het bestemmingsplan vast te stellen. Naar aanleiding van de raadsbrief kan de raad overigens besluiten dat, voorafgaand aan de vaststelling van het bestemmingsplan, een behandeling van het ontwerpbestemmingsplan in de raad moet plaatsvinden. Het bespreken van het ontwerpbestemmingsplan schort de tervisielegging van het ontwerpbestemmingsplan niet op.
Van 19 april 2012 tot en met 30 mei 2012 heeft het ontwerpbesluit met het ontwerpbestemmingsplan Reparatie Buitengebied Midden-West en de daarbij behorende stukken, in overeenstemming met het bepaalde in artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening voor een ieder ter inzage gelegen. Gedurende deze termijn kon een ieder bij de gemeenteraad een zienswijze op het ontwerpbestemmingsplan kenbaar maken. Er zijn zes zienswijzen ingediend.
Het bestemmingsplan heeft een beperkt karakter en speelt zich af op perceelsniveau. Op grond van al eerder aangehaalde notitie R.O.-instrumenten zijn daarom geen hoorzittingen gehouden. De zienswijzen gaven hiertoe ook geen aanleiding.
De zienswijzen zijn in een afzonderlijke 'Nota beoordeling zienswijzen' samengevat en van een beoordeling voorzien. De ingediende zienswijzen hebben aanleiding gegeven het ontwerp op een tweetal punten gewijzigd vast te stellen. Deze wijzigingen zijn in voornoemde nota uitvoerig gemotiveerd en beschreven.