Plan: | Bestemmingsplan Reparatie Buitengebied Midden-West |
---|---|
Status: | vastgesteld |
Plantype: | bestemmingsplan |
IMRO-idn: | NL.IMRO.0233.BPreparatieBgMW-0401 |
Burgemeester en wethouders kunnen het bestemmingsplan wijzigen ten behoeve van de in de onderstaande tabel omschreven activiteiten, zulks met inachtneming van:
A. Activiteiten en voorwaarden
|
|
Actualisering van de in het plan opgenomen verwijzing naar wetten, verordeningen, circulaires, publicaties, instanties en dergelijke; | - de wijzigingsbevoegdheid wordt uitsluitend toegepast indien het handhaven van de in de regels opgenomen redactie tot onduidelijkheden en/of onjuistheden met het oog op de verwijzing leidt. - een eventueel bij de actualisering op te nemen verwijzing naar de aangepaste wetten, verordeningen, circulaires, publicaties en instanties wordt alleen opgenomen indien deze aanpassingen geen inhoudelijke beleidswijziging betreffen. |
Vergroting van een agrarisch bouwvlak | - de wijzigingsbevoegdheid is uitsluitend van toepassing op gronden met de bestemmingen 'Agrarisch' en 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden'; - aangetoond dient te zijn dat de vergroting van het bouwvlak noodzakelijk is in het kader van een doelmatige agrarische bedrijfsvoering, dan wel in het kader van het dierenwelzijn; - de oppervlakte van het bouwvlak mag na de wijziging niet meer bedragen dan 1,5 ha; - voor wat betreft de gronden gelegen buiten de aanduiding 'reconstructiewetzone - landbouwontwikkelingsgebied' mag de oppervlakte van het bouwvlak na de wijziging niet meer bedragen dan de oppervlakte zoals bestaand op het moment van inwerkingtreding van het Reconstructieplan Gelderse Vallei / Utrecht- Oost, te weten 17 maart 2005, vermeerderd met 30%, met daarbovenop nog 30% van 200% van de gezamenlijke oppervlakte van de bij het betreffende bedrijf behorende, rechtens toegestane bestaande bedrijfsgebouwen die direct aansluitend, maar buiten het bouwvlak staan; - de wijzigingsbevoegdheid strekt zich niet uit tot de agrarische bedrijven die zijn aangeduid met 'specifieke vorm van agrarisch - intensieve veehouderij met bouwvlakvergroting'. |
Verschuiving van een agrarisch bouwvlak | - de wijzigingsbevoegdheid is uitsluitend van toepassing op gronden met de bestemmingen 'Agrarisch' en 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden'; - aangetoond dient te zijn dat het verschuiven van de grenzen van het bouwvlak noodzakelijk is in het kader van een doelmatige agrarische bedrijfsvoering; - de oppervlakte van het bouwvlak mag na de wijziging niet meer bedragen dan de bestaande oppervlakte; - de afwijking ten opzichte van de in dit plan bepaalde grens van het bouwvlak mag niet meer bedragen dan 20 m; - alle bedrijfsbebouwing dient binnen het bouwperceel gesitueerd te blijven; - het verschuiven van de grens van het bouwvlak mag niet tot gevolg hebben dat voor de voorgevelrooilijn van de bedrijfswoning kan worden gebouwd; - aangetoond dient te zijn dat het verschuiven van de grens van het bouwvlak op een aanvaardbare landschappelijke wijze wordt ingepast. |
Functiewijziging van grondgebonden veehouderij naar intensieve veehouderij door het toevoegen van de aanduiding 'intensieve veehouderij' aan een bouwvlak; | - de wijzigingsbevoegdheid is uitsluitend van toepassing op gronden met de bestemmingen 'Agrarisch' en 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden', voor zover niet aangewezen als 'reconstructiewetzone - landbouwontwikkelingsgebied'; - aan de hand van een ondernemingsplan dient te zijn aangetoond dat de functiewijziging noodzakelijk is in het kader van een doelmatige agrarische bedrijfsvoering; - aangetoond dient te zijn dat de functiewijziging, gelet op de omvang, ligging en aard van het agrarische bedrijf ten opzichte van in de nabijheid gelegen functies een zodanig beperkte milieuhinder zal veroorzaken dat daardoor de belangen van deze functies niet in onevenredige mate worden geschaad. |
Functiewijziging van agrarische bedrijvigheid naar wonen door het omzetten van de bestemming 'Agrarisch' dan wel 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden' naar de bestemming 'Wonen'; | - de wijzigingsbevoegdheid wordt uitsluitend toegepast indien de agrarische bedrijfsactiviteiten blijvend worden gestaakt; - de wijzigingsbevoegdheid trekt zich niet uit tot gronden die zijn aangegeven met 'reconstructiewetzone - landbouwontwikkelingsgebied'; - de milieucontour van bestaande bedrijven dient in acht te worden genomen; - uitsluitend de bedrijfswoning(en) alsmede de onlosmakelijk tot de bedrijfswoning behorende bedrijfsruimte(n) mag/mogen worden gebruikt voor wonen, met dien verstande dat: - meerdere wooneenheden mogen worden gerealiseerd indien en voor zover: 1. eventueel aanwezige karakteristieke dan wel monumentale bebouwing wordt hergebruikt. Indien en voor zover deze niet aanwezig is, mag vervangende nieuwbouw plaatsvinden; 2. alle overtollige bedrijfsgebouwen (niet zijnde monumentale gebouwen) worden afgebroken met een minimum van 350 m² voor zover gelegen in de, op de bij deze regels behorende Bijlage 2 Kaart 'Gebiedsvisie', als EHS' aangegeven gronden en een minimum van 500 m² daarbuiten; - indien meerdere woonheden in maximaal één gebouw worden gerealiseerd: 1. voor zover gelegen in de, op de bij deze regels behorende Bijlage 2 Kaart 'Gebiedsvisie', als 'Zoekzone landschappelijke versterking' aangegeven gronden, een inrichtingsplan wordt overgelegd, dat is gericht op verbetering van de ruimtelijke kwaliteit, bijvoorbeeld in de vorm van: - natuurontwikkeling; - openbare toegankelijkheid van het buitengebied en recreatieve voorzieningen in de vorm van fiets- of wandelpaden; - cultuurhistorie; - waterberging, - indien meerdere wooneenheden in maximaal twee gebouwen worden gerealiseerd: 1. de ruimtelijke opbouw van het erf dan wel de bestaande schuren hun cultuurhistorische eigenheid blijven behouden; 2. een inrichtingsplan wordt overgelegd, dat is gericht op verbetering van de ruimtelijke kwaliteit, bijvoorbeeld in de vorm van: - natuurontwikkeling; - openbare toegankelijkheid van het buitengebied en recreatieve voorzieningen in de vorm van fiets- of wandelpaden; - cultuurhistorie; - waterberging, 3. de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen niet meer mag bedragen dan overeenkomend met 50% van de afgebroken bedrijfsgebouwen; - met de bouw- en gebruiksbepalingen wordt aangesloten bij de regels, zoals die van toepassing zijn op de bestemming 'Wonen', met dien verstande, dat de aldaar opgenomen afwijkingsbevoegdheden in de wijziging kunnen worden meegenomen; - de toename in de vorm van wooneenheden, dan wel woningen dient in overeenstemming te zijn met het gemeentelijk woningbouwprogramma; - nevenactiviteiten dienen te worden beëindigd. |
Extra woning(en) bij de bestemming 'Wonen'; | - de wijzigingsbevoegdheid wordt uitsluitend toegepast indien de agrarische bedrijfsactiviteiten blijvend worden gestaakt; - de wijzigingsbevoegdheid trekt zich niet uit tot gronden die zijn aangegeven met 'reconstructiewetzone - landbouwontwikkelingsgebied'; - de milieucontour van bestaande bedrijven dient in acht te worden genomen; - uitsluitend de bedrijfswoning(en) alsmede de onlosmakelijk tot de bedrijfswoning behorende bedrijfsruimte(n) mag/mogen worden gebruikt voor wonen, met dien verstande dat: -meerdere wooneenheden mogen worden gerealiseerd indien en voor zover: 1. eventueel aanwezige karakteristieke dan wel monumentale bebouwing wordt hergebruikt. Indien en voor zover deze niet aanwezig is, mag vervangende nieuwbouw plaatsvinden; 2. alle overtollige bedrijfsgebouwen (niet zijnde monumentale gebouwen) worden afgebroken met een minimum van 350 m² voor zover gelegen in de, op de bij deze regels behorende Bijlage 2 Kaart 'Gebiedsvisie', als 'EHS' aangegeven gronden en een minimum van 500 m² daarbuiten; - indien meerdere woonheden in maximaal één gebouw worden gerealiseerd: 1. voor zover gelegen in de, op de bij deze regels behorende Bijlage 2 Kaart 'Gebiedsvisie', als 'Zoekzone landschappelijke versterking' aangegeven gronden, een inrichtingsplan wordt overgelegd, dat is gericht op verbetering van de ruimtelijke kwaliteit, bijvoorbeeld in de vorm van: - natuurontwikkeling; - openbare toegankelijkheid van het buitengebied en recreatieve voorzieningen in de vorm van fiets- of wandelpaden; - cultuurhistorie; - waterberging, -indien meerdere wooneenheden in maximaal twee gebouwen worden gerealiseerd: 1. de ruimtelijke opbouw van het erf dan wel de bestaande schuren hun cultuurhistorische eigenheid blijven behouden; 2. een inrichtingsplan wordt overgelegd, dat is gericht op verbetering van de ruimtelijke kwaliteit, bijvoorbeeld in de vorm van: - natuurontwikkeling; - openbare toegankelijkheid van het buitengebied en recreatieve voorzieningen in de vorm van fiets- of wandelpaden; - cultuurhistorie; - waterberging, 3. de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen niet meer mag bedragen dan overeenkomend met 50% van de afgebroken bedrijfsgebouwen; - met de bouw- en gebruiksbepalingen wordt aangesloten bij de regels, zoals die van toepassing zijn op de bestemming 'Wonen', met dien verstande, dat de aldaar opgenomen afwijkingsbevoegdheden in de wijziging kunnen worden meegenomen; - de toename in de vorm van wooneenheden, dan wel woningen dient in overeenstemming te zijn met het gemeentelijk woningbouwprogramma; - nevenactiviteiten dienen te worden beëindigd. |
Functiewijziging van agrarische bedrijvigheid naar nieuwe landgoederen door het omzetten van de ter plaatse geldende bestemming(en) naar de bestemmingen 'Bos', 'Wonen' en de dubbelbestemming 'Wonen - Landgoed'; | - de wijzigingsbevoegdheid strekt zich niet uit tot gronden die zijn aangegeven met 'reconstructiewetzone - landbouwontwikkelingsgebied'; - van de wijzigingsbevoegdheid wordt geen gebruik gemaakt alvorens is aangetoond dat pogingen om de gronden te doen verwerven door in de omgeving gelegen grondgebonden agrarische bedrijven vruchteloos zijn gebleven; - uit een inrichtings- en beheerplan dient te blijken dat een kwalitatief hoogwaardige invulling wordt gegeven aan de architectuur van het hoofdgebouw en de inrichting van omliggende terreinen in hun ruimtelijke samenhang; - het landgoed dient geen aantasting te vormen voor de bedrijfsuitoefening van in de omgeving gelegen agrarische bedrijven, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding reconstructiewetzone - 'landbouwontwikkelingsgebied' geen aantasting mag optreden van de uitbreidingsmogelijkheden van agrarische bedrijven tot een milieugebruiksruimte van meer dan 70 NGE; - voor de inrichting van de omliggende terreinen moet worden aangesloten op de in het gebied aanwezige natuur- en landschapswaarden zoals aangegeven in het Gebiedsplan natuur en landschap Gelderland 2004 en het Streekplan, respectievelijk de rechtstreeks daartoe te herleiden en opvolgende beleidsdocumenten; - op de betrokken gronden nieuw bos- en/of natuurgebied moet worden gerealiseerd met een minimale omvang van 5 ha en met dien verstande dat: 1. dit bij voorkeur een aaneengesloten gebied dient te betreffen; 2. het gebied openbaar toegankelijk dient te zijn; 3. voor zover het betreft gronden gelegen binnen de provinciale Ecologische Hoofdstructuur, deze niet meetellen bij de bepaling van de minimaal benodigde omvang, met uitzondering van de gebieden die ingevolge het Streekplan in het kader van de groene contouren als 'overig' zijn aangeduid; 4. bebouwing niet is toegestaan voor zover het betreft gronden binnen de Ecologische Hoofdstructuur; 5. ten hoogste één hoofdgebouw is toegestaan, met een totale inhoud van maximaal 4.500 m³, waarvan de goothoogte niet meer dan 10 m en de bouwhoogte niet meer dan 15 m bedraagt; 6. het gebruik van het hoofdgebouw blijft beperkt tot de woonfunctie en aan de woonfunctie ondergeschikte kantooractiviteiten, met dien verstande dat maximaal 3 wooneenheden – dan wel naarmate het landgoed een veelvoud van 5 ha betreft, het evenredige veelvoud daarvan 7. zijn toegestaan en maximaal 5% van de oppervlakte per wooneenheid voor kantooractiviteiten mag worden gebruikt; 8. bijgebouwen zijn toegestaan met een maximale bebouwde oppervlakte van 100 m² per wooneenheid, een maximale goothoogte van 3 m en een maximale bouwhoogte van 6 m. |
B. Algemene voorwaarden